direct naar inhoud van Artikel 6 Natuur
Plan: Havens Stein
Status: vastgesteld
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0971.BPHavens-0003

Artikel 6 Natuur

6.1 Bestemmingsomschrijving
6.1.1 Algemeen

De voor 'Natuur' aangewezen gronden zijn bestemd voor de opbouw en het behoud van natuurlijke- en landschappelijke waarden.

6.1.2 Relatie dubbelbestemming en aanduiding

Voor zover de gronden tevens zijn gelegen binnen de aangewezen dubbelbestemmingen en aanduidingen zijn mede de desbetreffende regels van toepassing, met inachtneming van de voorrangsregels uit artikel 19.2.

6.2 Bouwregels

Op de voor 'Natuur' aangewezen gronden mag niet worden gebouwd.

6.3 Specifieke gebruiksregels
6.3.1 Verboden gebruik

Onder gebruiken en/of het laten gebruiken in strijd met het bestemmingsplan wordt in ieder geval verstaan het gebruik van gronden en bouwwerken voor en/of als:

  • a. staanplaats of ligplaats voor onderkomens, behoudens voor zover en voor zolang de aanwezigheid van onderkomens nodig is in verband met in de tot 'Natuur' bestemde gronden uit te voeren werken en/of werkzaamheden;
  • b. staanplaats voor wagens, geschikt en bestemd voor de uitoefening van de handel;
  • c. agrarische doeleinden;
  • d. sport-, wedstrijd- of speelterrein, kampeer- of caravanterrein, dagcampings, parkeerterrein, lig- of speelweide, zwemgelegenheid en buitenmanege;
  • e. het beproeven van voertuigen; voor de beoefening van de motorsport en de modelvliegsport; voor het houden van wedstrijden met motorrijtuigen of bromfietsen; voor het racen of crossen met motorrijtuigen of bromfietsen;
  • f. militaire oefeningen;
  • g. het winnen van bossstrooisel of mos.
6.4 Omgevingsvergunning voor het uitvoeren van een werk, geen bouwwerk zijnde, of van werkzaamheden
6.4.1 Vergunningplicht

Het is verboden op of in de voor 'Natuur' aangewezen gronden in afwijking van een omgevingsvergunning van burgemeester en wethouders de volgende werken, geen bouwwerk zijnde, en/of werkzaamheden uit te voeren:

  • a. het aanleggen of verharden van wegen, paden of parkeergelegenheden en het aanbrengen van andere oppervlakteverhardingen;
  • b. het verbreden, uitdiepen of anderszins veranderen van de waterlopen en het graven en/of verleggen van waterlopen;
  • c. het ontginnen, het bodem verlagen of afgraven, ophogen en/of het verrichten van andere graafwerkzaamheden;
  • d. het aanbrengen van ondergrondse of bovengrondse transport-, energie- of telecommunicatieleidingen en de daarmee verband houdende constructies, installaties of apparatuur;
  • e. het vellen en/of rooien of het verrichten van werkzaamheden, welke de dood of ernstige beschadiging van houtgewas ten gevolge kunnen hebben;
  • f. het wijzigen van de grondwaterstand of het uitvoeren van werkzaamheden welke direct of indirect de grondwaterstand be├»nvloeden.
6.4.2 Uitzonderingen

Het bepaalde in artikel 6.4.1 is niet van toepassing op:

  • a. normale onderhoudswerkzaamheden;
  • b. werken of werkzaamheden van ondergeschikte betekenis;
  • c. werken of werkzaamheden in het kader van het normale bodemexploitatie en bodemgebruik;
  • d. werken of werkzaamheden, welke op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan in uitvoering zijn dan wel krachtens een voor dat tijdstip verleende vergunning/ontheffing of anderszins mogen worden uitgevoerd;
  • e. voor zover de Boswet of krachtens die wet gestelde voorschriften van toepassing zijn;
  • f. voor het vellen of rooien bij wijze van verzorging van de aanwezige houtopstand;
  • g. voor het periodiek kappen van griendhout en ander hakhout voor zover betreffende de normale uitoefening van het op het tijdstip van inwerkingtreding van het plan bestaande bodemgebruik.
6.4.3 Toelaatbaarheid

De werken of werkzaamheden als bedoeld in artikel 6.4.1 zijn slechts toelaatbaar indien door die werken of werkzaamheden dan wel door de daarvan hetzij direct hetzij indirect te verwachten gevolgen voor de natuur- en landschappelijke waarden van deze gronden niet onevenredig worden of kunnen worden aangetast, dan wel de mogelijkheden voor herstel van de bedoelde waarden, niet wezenlijk worden of kunnen worden verkleind.