direct naar inhoud van Toelichting
Plan: Grondstrook Business Park Stein 192-196
Status: ontwerp
Plantype: bestemmingsplan
IMRO-idn: NL.IMRO.0971.BPgrondstrookBPS-0002

Toelichting

Hoofdstuk 1 Inleiding

1.1 Aanleiding

De gemeente Stein is voornemens gronden te verkopen aan een tweetal bedrijven, gelegen op de locatie Business Park Stein 192 en 194. Beide bedrijven willen deze strook grond betrekken bij hun bedrijfsbestemming. De gemeente is eigenaar van de betreffende strook grond en wenst medewerking te verlenen aan de verkoop.

Het betreft een strook grond die achter de huidige achterste perceelsgrens van beide bedrijven loopt, tot en met het bedrijf op de locatie Business Park Stein 196. De strook is circa 420 meter lang en circa 6 meter diep, welke toegevoegd wordt aan het bedrijfsperceel. Op de betreffende gronden zal een verharding worden aangebracht en zullen activiteiten als vrachtwagenstalling, opslag en parkeren gaan plaatsvinden. Een deel van de ter plaatste aanwezige sloot moet worden gedempt en delen van het perceel moeten worden opgehoogd. De percelen zullen niet worden bebouwd, met uitzondering van kleinschalige bebouwing in de vorm van bijvoorbeeld erfafscheidingen. Er worden geen nieuwe bedrijven opgericht. Het betreft een bestemmingswijziging van een strook grond die (deels) feitelijk al bij de bedrijfsbestemming wordt gebruikt. Door middel van het wijzigen van de bestemming 'Groen' in 'Bedrijventerrein' wordt dit gebruik planologisch - juridisch geformaliseerd.

Om het gebruik van de strook grond bij de bedrijfsbestemming mogelijk te maken, wordt het vigerende bestemmingsplan 'Business Park Stein' partieel herzien door middel van onderhavig bestemmingsplan.

1.2 Ligging van het plangebied

Het plangebied ligt op het bedrijventerrein Business Park Stein van de gemeente Stein, op de grens van de plaatsen Elsloo en Stein. De betreffende strook grond loopt achter de huidige achterste perceelsgrens van de locatie Business Park Stein 192 en 194. De strook grond loopt tot en met het bedrijf op de locatie Business Park Stein 196.

1.3 Het vigerende bestemmingsplan

Het plangebied is gelegen binnen het bestemmingsplan 'Business Park Stein', zoals door de Raad van Stein vastgesteld op 2 juli 2009.
Op basis van het vigerende bestemmingsplan 'Business Park Stein' geldt ter plaatse van het plangebied de bestemming 'Groen' en voor een deel de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie'. Op grond van het in 2010 vastgestelde facetbestemmingsplan 'Archeologie', is op het hele plangebied de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 1' komen te liggen. Het planvoornemen past niet binnen de regels behorende bij de bestemming 'Groen'. Ter plaatse zijn alleen groenvoorzieningen toegestaan en geen bedrijfsactiviteiten.

Om het gebruik van de strook grond bij de bedrijfsbestemming mogelijk te maken moet de bestemming 'Groen' worden gewijzigd in de bestemming 'Bedrijventerrein'.

afbeelding "i_NL.IMRO.0971.BPgrondstrookBPS-0002_0001.png"

Uitsnede plankaart 'Business Park Stein'

1.4 Het bestemmingsplan

Met onderhavig bestemmingsplan wordt de benodigde strook grond met de bestemming 'Groen' gewijzigd in de bestemming 'Bedrijventerrein'. Binnen deze bestemming wordt het gebruik van de strook grond bij de bedrijfsbestemming formeel mogelijk gemaakt. Hiermee wordt het gewenste gebruik: vrachtwagenstalling, opslag en parkeren planologisch - juridisch mogelijk. Er wordt geen uitbreiding van bedrijfsgebouwen mogelijk gemaakt.

1.5 Leeswijzer

In de toelichting wordt het plangebied en het planvoornemen nader beschreven. In hoofdstuk 2 wordt kort ingegaan op het relevante beleidskader. In hoofdstuk 3 is een gebiedsomschrijving opgenomen en wordt het planvoornemen nader omschreven. In hoofdstuk 4 komen de sectorale aspecten en de waterparagraaf aan bod. Hoofdstuk 5 bevat de juridische opzet van het plan. Hoofdstuk 6 gaat in op de haalbaarheid en daarmee de uitvoerbaarheid van het plan. Tot slot geeft hoofdstuk 7 de doorlopen procedure weer.

Hoofdstuk 2 Beleidskader

2.1 Inleiding

Bij ieder plan vindt inkadering binnen het beleid van de overheid plaats. Door een toetsing aan rijks-, provinciaal, regionaal en gemeentelijk beleid ontstaat een duidelijk beeld van de marges waarbinnen het bestemmingsplan wordt opgezet. De beleidsinkadering dient een compleet beeld te geven van de ruimtelijke overwegingen en het relevante planologisch beleid.

Gemeenten zijn niet geheel vrij in het voeren van hun eigen beleid. Rijk en provincies geven met het door hen gevoerde en vastgestelde beleid de kaders aan waarbinnen gemeenten kunnen opereren.

2.2 Rijks-, provinciaal, regionaal en gemeentelijk beleid

De wijziging ten opzichte van het vigerende bestemmingsplan Business Park Stein is van ondergeschikte aard. Het gaat slechts om een bestemmingswijziging van een beperkte strook grond van 420 meter lang en 6 meter diep. Met deze bestemmingsplanherziening vindt geen uitbreiding van het bedrijventerrein plaats waardoor er zich nieuwe bedrijven zouden kunnen vestigen. Het betreft uitsluitend de uitbreiding van bestaande bedrijfspercelen ten behoeve van een efficiënter ruimtegebruik passend binnen de bestaande ruimtelijke en fysieke situatie. Er wordt geen uitbreiding van bedrijfsgebouwen mogelijk gemaakt.

Er zijn daarom geen Rijks-, provinciale, regionale of gemeentelijke belangen in het geding.

Hoofdstuk 3 Planbeschrijving

3.1 Inleiding

In dit hoofdstuk wordt het planvoornemen beschreven. Hierbij wordt aandacht besteed aan de bestaande situatie (ruimtelijk en functioneel) en de samenhang met het betrekken van de strook grond bij de bedrijfsbestemming.

3.2 Gebiedsomschrijving

Het bedrijventerrein is gelegen in het gebied tussen de kernen Stein en Elsloo. Ten oosten van het plangebied is het terrein van DSM gelegen. Het gebied wordt grofweg begrensd door de Steinderweg aan de westzijde, de Koeveldweg aan de noordzijde, de A2 en de Napoleonsbaan aan de oostzijde en de spoorlijn Sittard-Maastricht aan de zuidzijde. Op het bedrijventerrein is een grote diversiteit aan bedrijven aanwezig. Op de adressen Business Park Stein 192, 194 en 196 zijn bedrijfsverzamelgebouwen met diverse bedrijven gevestigd. De grootste bedrijven betreffen een Farmaceutische groothandel en een transportonderneming. De bedrijven worden voornamelijk ontsloten via de Napoleonbaan Noord, de Sanderboutlaan en de weg Business Park Stein.

afbeelding "i_NL.IMRO.0971.BPgrondstrookBPS-0002_0002.png"

Luchtfoto gebied en directe omgeving

Het plangebied betreft een strook grond tussen de perceelsgrens van de bedrijfsbestemming en de ter plaatse aanwezige geluidswal. De aangrenzende gronden binnen de bedrijfsbestemming zijn overwegend in gebruik voor opslag en stalling. Binnen het plangebied zelf bevindt zich grasland en deels een sloot.

afbeelding "i_NL.IMRO.0971.BPgrondstrookBPS-0002_0003.png" afbeelding "i_NL.IMRO.0971.BPgrondstrookBPS-0002_0004.png"

afbeelding "i_NL.IMRO.0971.BPgrondstrookBPS-0002_0005.png" afbeelding "i_NL.IMRO.0971.BPgrondstrookBPS-0002_0006.png"

Foto's plangebied

afbeelding "i_NL.IMRO.0971.BPgrondstrookBPS-0002_0007.png"

Vooraanzicht Business Park Stein 192

afbeelding "i_NL.IMRO.0971.BPgrondstrookBPS-0002_0008.png"

Vooraanzicht Business Park Stein 194

afbeelding "i_NL.IMRO.0971.BPgrondstrookBPS-0002_0009.png"

Vooraanzicht Business Park Stein 196

3.3 Planvoornemen

Het planvoornemen bestaat uit het betrekken van de strook grond bij de bedrijfsbestemming. Het betreft een strook grond die achter de huidige achterste perceelgrens van de bedrijven aan de locatie Business Park Stein 192, 194 en 196 loopt. De strook heeft een lengte van ca. 420 meter en een diepte van ongeveer 6 meter. De gemeente Stein is voornemens deze gronden te verkopen aan een tweetal bedrijven. Op de betreffende percelen zal een verharding worden aangebracht en zullen o.a. activiteiten als vrachtwagenstalling, opslag en parkeren gaan plaatsvinden. Ook zal een deel van de ter plaatse aanwezige sloot moeten worden gedempt en zullen delen van het perceel worden opgehoogd. De percelen zullen niet worden bebouwd, met uitzondering van kleinschalige bebouwing in de vorm van bijvoorbeeld erfafscheidingen. Er worden geen nieuwe bedrijven opgericht en uitbreiding van bestaande bedrijfsgebouwen is eveneens niet toegestaan.

Conform het vigerende bestemmingsplan 'Business Park Stein' is ter plaatse de bestemming 'Groen' en de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie' van toepassing. Het planvoornemen past niet binnen het bestemmingsplan. Om de gewenste bedrijfsactiviteiten mogelijk te maken dient de bestemming 'Groen' te worden gewijzigd in de bestemming 'Bedrijventerrein' aan de achterzijde van de percelen Business Park Stein 192, 194 en 196.

Hoofdstuk 4 Sectorale aspecten

4.1 Inleiding

Milieubeleid wordt steeds meer geïncorporeerd in andere beleidsvelden. Verbreding van milieubeleid naar andere beleidsterreinen is dan ook een belangrijk uitgangspunt. Ook in de ruimtelijke planvorming is structureel aandacht voor milieudoelstellingen nodig. De milieudoelstellingen worden daartoe integraal en vanaf een zo vroeg mogelijk stadium in het planvormingsproces meegewogen. Een duurzame ontwikkeling van de gemeente is een belangrijk beleidsuitgangspunt dat zijn doorwerking heeft in meerdere beleidsterreinen.

In dit hoofdstuk wordt ingegaan op een aantal van deze beleidsterreinen. Aangezien het een wijziging van ondergeschikte aard betreft, ook ten opzichte van het vigerende bestemmingsplan 'Business Park Stein', wordt bij alle aspecten beknopt stilgestaan.

4.2 Bodemkwaliteit

Uitgangspunt is dat de bodemkwaliteit geschikt is voor de beoogde bestemming en de daarin toegestane gebruiksvormen. Het planvoornemen betreft de wijziging van een groenbestemming in een bedrijfsbestemming. Ter plaatse van de groenstrook hebben geen bedrijfsactiviteiten plaatsgevonden, waardoor geen sprake kan zijn van bodemverontreiniging. Het gaat hier om een bestemmingswijziging en derhalve is het noodzakelijk om de kwaliteit van de bodem inzichtelijk te maken.

Een historisch bodemonderzoek is uitgevoerd door Econsultancy (1124.001, 22 februari 2016). Op basis van het vooronderzoek en de terreininspectie kan gesteld worden dat er milieuhygiënisch géén belemmeringen bestaan voor de voorgenomen bestemmingsplanwijziging van de onderzoekslocatie. Er zijn geen aanwijzingen gevonden, die aanleiding geven een asbestverontreiniging op de onderzoekslocatie te verwachten. De onderzoeksresultaten geven géén aanleiding voor verder bodemonderzoek dan wel een bodemonderzoek op analytische grondslag.

Het rapport is als bijlage 1 bijgevoegd.

4.3 Wet geluidhinder

Voor nieuwe plannen geldt dat in het kader van de Wet geluidhinder een akoestisch onderzoek noodzakelijk is indien geluidsgevoelige bestemmingen zijn gelegen binnen de zone van een weg, industrieterrein of het spoor. In onderhavige situatie wordt met het uitsluitend betrekken van een strook grond bij de bedrijfsbestemming geen geluidsgevoelig object mogelijk gemaakt. Wel wordt als gevolg van de bestemmingswijziging de bedrijfsbestemming van de bestaande bedrijven uitgebreid. Echter, deze bedrijven zijn door middel van een geluidswal afgeschermd van de aangrenzende functies. Er worden echter geen nieuwe bedrijfsgebouwen toegestaan.

Het betrekken van de strook grond bij de bedrijfsbestemming heeft dan ook geen invloed op de bestaande functies, te weten maatschappelijk aan de Kinskystraat en wonen aan de Heisteeg. Op de percelen Business Park Stein 192, 194 en 196 is een geluidswal geplaatst. De percelen aan de Kinskystraat en de Heisteeg zullen door de afschermende werking van deze geluidswal geen geluidsoverlast ondervinden. Het betrekken van de strook grond bij de bedrijfsbestemming zal slechts tot aan de bestaande geluidswal plaatsvinden. Door de afschermende werking van deze geluidswal is er geen sprake van geluidsoverlast ten aanzien van de percelen aan de Kinskystraat en de Heisteeg. Akoestisch onderzoek wordt derhalve niet noodzakelijk geacht.

4.4 Luchtkwaliteit

Op grond van de Wet milieubeheer gelden milieukwaliteitseisen voor de luchtkwaliteit. Deze kwaliteitseisen zijn middels grenswaarden vastgelegd voor verschillende luchtverontreiningscomponenten en gelden overal in de buitenlucht. Indien op grond van de Wet milieubeheer een project 'Niet in betekenende mate' bijdraagt aan de luchtverontreiniging, is geen toetsing aan de grenswaarden luchtkwaliteit nodig.

Het betrekken van de strook bij de bedrijfsbestemming draagt niet bij aan een verslechtering van de luchtkwaliteit. Door de bestemmingswijziging wordt de vestiging van extra bedrijven niet mogelijk. Het aantal bedrijven blijft ongewijzigd en daarmee ook de verkeersaantrekkende werking. De gronden zijn namelijk uitsluitend bedoeld voor het optimaliseren van de bestaande bedrijfsactiviteiten vrachtwagenstalling, opslag en parkeren.

Er hoeft geen verder onderzoek inzake de luchtkwaliteit te worden uitgevoerd.

4.5 Externe veiligheid

Externe veiligheid betreft het risico dat aan bepaalde activiteiten verbonden is voor niet bij de activiteit betrokken personen. Het externe veiligheidsbeleid richt zich op het voorkomen en beheersen van risicovolle bedrijfsactiviteiten en van risicovol transport. Het gaat daarbij om de bescherming van individuele burgers en groepen tegen ongevallen met gevaarlijke stoffen of omstandigheden. Daarbij gaat het om de risico’s verbonden aan ‘risicovolle inrichtingen’, waar gevaarlijke stoffen worden geproduceerd, opgeslagen of gebruikt, om het ‘vervoer van gevaarlijke stoffen’ via wegen, spoorwegen, waterwegen en buisleidingen en om natuurrampen.

Uit de risicokaart van het Interprovinciaal Overleg (IPO) blijkt dat de bestaande bedrijven niet zijn aangemerkt als een risicovol object.

afbeelding "i_NL.IMRO.0971.BPgrondstrookBPS-0002_0010.png"

Uitsnede risicokaart IPO

Door het betrekken van de strook grond bij de bedrijfsbestemming, wijzigt de situatie met betrekking tot externe veiligheid niet. Het plaatsgebonden risico en het groepsgebonden risico nemen niet toe. Als gevolg van het planvoornemen neemt het aantal personen ter plaatse niet toe. Op basis hiervan kan worden geconcludeerd dat het aspect externe veiligheid geen belemmering vormt voor de ontwikkeling.

4.6 Kabels en leidingen

In of direct nabij het plangebied zijn geen kabels of leidingen gelegen die ten behoeve van het gebruik en/of de veiligheid planologische bescherming behoeven en daarmee een belemmering voor het planvoornemen betekenen.

4.7 Milieubescherming, veiligheid en overige zones

Het plangebied zelf is niet in een milieubeschermingsgebied, grondwaterbeschermings- of waterwingebied, stiltegebied, bodembeschermingsgebied of de ecologische hoofdstructuur gelegen.

4.8 Flora en fauna

In verband met de uitvoerbaarheid van ruimtelijke plannen dient rekening te worden gehouden met soortbescherming en dan met name de aanwezigheid van beschermde soorten in het besluitgebied. In ruimtelijke plannen mogen geen mogelijkheden worden geboden voor ruimtelijke ontwikkelingen waarvan op voorhand redelijkerwijs kan worden ingezien dat in het kader van de Flora- en faunawet geen ontheffing zal worden verleend.

Als gevolg van de bestemmingswijziging komt de groenbestemming deels te vervallen en wordt de aanwezige sloot gedempt. Ter plaatse wordt verharding aangebracht voor vrachtwagenstalling, opslag en parkeren. Om uit te sluiten dat er mogelijk beschermde dier- en plantsoorten in de sloot voorkomen wordt een quickscan flora en fauna noodzakelijk geacht.

Econsultancy heeft een quickscan flora en fauna uitgevoerd (1124.002, 18 februari 2016) in het kader van deze bestemmingsplanwijziging en deze scan heeft als doel in te schatten of er op de onderzoekslocatie planten- en diersoorten aanwezig of te verwachten zijn die volgens de Flora- en faunawet een beschermde status hebben en die mogelijk verstoring kunnen ondervinden door de vooringenomen ingreep. Tevens is beoordeeld of de voorgenomen ingreep invloed kan hebben op gebieden die volgens de Natuurbeschermingswet 1998 zijn beschermd, of deel uitmaken van het Natuurnetwerk Nederland of die deel uitmaken van de Provinciale Groene Natuurzones Limburg (POL 2014).

 

Gelet op de gevonden en te verwachten ecologische waarden en de beoogde planontwikkeling is de verwachting dat de wijziging van het bestemmingsplan uitvoerbaar is. Met betrekking tot de werkzaamheden dient het bepaalde in de Flora- en faunawet in acht te worden genomen, hetgeen in dit geval goed mogelijk is. In het kader van de Flora- en faunawet dienen overtredingen ten aanzien van broedvogels te worden voorkomen door rekening te houden met het broedseizoen en daarnaast dient te allen tijde de zorgplicht in acht te worden genomen. Op basis van onderhavige quickscan wordt vervolgonderzoek naar het voorkomen van verschillende soortgroepen niet noodzakelijk geacht. Tevens is er geen sprake van een noodzaak voor het indienen van een ontheffingsaanvraag voor overtreding van verbodsbepalingen in de Flora- en faunawet ten aanzien van het verstoren van vaste rust- of verblijfplaatsen. Daarnaast is er geen sprake van een noodzaak voor het indienen van een vergunningsaanvraag voor overtredingen van verbodsbepalingen in de Natuurbeschermingswet 1998 of noodzaak tot vervolgonderzoek in het kader van Provinciale Groene Natuurzones Limburg.

De quickscan is als bijlage 2 bijgevoegd.

4.9 Archeologie

Bij de opstelling en de uitvoering van ruimtelijke plannen moet rekening worden gehouden met bekende archeologische waarden.

Door Archol is een archeologisch quickscan uitgevoerd naar het betreffende perceeldeel. Op basis van het bureauonderzoek en de aanvullende veldtoets wordt geconcludeerd dat ten aanzien van het plangebied een hoge verwachting geldt op resten uit het neolithicum, meer specifiek op de periode van de LBK. Daarnaast geldt een gemiddelde verwachting op resten uit de overige perioden. Eventuele archeologische resten bevinden zich in de top van het nog intacte bodemprofiel op en vanaf ca. 50 cm beneden maaiveld.

 afbeelding "i_NL.IMRO.0971.BPgrondstrookBPS-0002_0011.png"

Uitsnede Gebieden van Archeologische waarde op de Archeologische Beleidsadvieskaart (Van Wijk 2009) van de gemeente Stein (plangebied in rood)

Op het betreffende perceel zal een verharding worden aangebracht en zullen activiteiten als vrachtwagenstalling, opslag en parkeren gaan plaatsvinden. Echter, de bodemingrepen zullen hier niet dieper reiken dan 50 cm beneden maaiveld. De percelen zullen niet worden bebouwd, met uitzondering van kleinschalige bebouwing in de vorm van bijvoorbeeld erfafscheidingen. Wanneer de bodemingrepen niet dieper reiken dan 50 cm beneden maaiveld is verder archeologisch onderzoek niet noodzakelijk. Ook het dempen of ophogen van sloten leidt niet tot aantasting van eventueel aanwezige archeologische waarden.

De archeologische quickscan is als bijlage 3 bijgevoegd.

4.10 Waterparagraaf

Het doel van de watertoets is het vroegtijdig betrekken van de waterbeheerders bij het planproces om zodoende te waarborgen dat waterhuishoudkundige doelstellingen expliciet en op evenwichtige wijze in beschouwing worden genomen bij alle waterhuishoudkundig relevante plannen en besluiten.

De wateraspecten zijn reeds beoordeeld door Bloem Civieltechniek BV en uit de omgevingsscan blijkt dat het slootdeel achter de betreffende percelen slechts het oppervlakte water van de terreinen naar een lager gelegen deel van de sloot afvoert. Dit lager gelegen deel ligt aan de zuidzijde van het Business Park Stein. Voor het betrekken van de strook grond bij de bedrijfsbestemming is het verplaatsen van de sloot naar de teen van het talud van de grondwal geen enkel probleem. De uitkomende grond wordt verwerkt in de bestaande sloot. De afvoerpijpen worden verlengd en worden voorzien van een uitstroomvoorziening van stortsteen om het talud van de sloot te beschermen.

Voor uitbreiding van de verharding van het terrein wordt een afvoerleiding gemaakt, welke voldoet aan de belasting van het op te hogen terrein en de toekomstige verkeersbelasting. Verder voldoet deze leiding aan de huidige afvoercapaciteit van de betreffende percelen. De bestaande afvoerpijpen worden aangesloten op deze duiker. Verder wordt de leiding aan beide zijdes voorzien van een krooshek t.b.v. de veiligheid.

In de afwatering wordt in voldoende mate voorzien. Aangezien er verder geen belangen van het Waterschap en geen overige wateraspecten in het geding zijn en de ingreep beperkt is, wordt een verdergaande watertoets niet noodzakelijk geacht.

Hoofdstuk 5 Juridische opzet

5.1 Inleiding

Op basis van de Wet ruimtelijke ordening is het volgende bepaald over de opzet en de inrichting van een bestemmingsplan:

  • de digitale raadpleegbaarheid (IMRO 2012);
  • de Standaard Vergelijkbare BestemmingsPlannen 2012 (SBVP 2012);
  • de Woningwet;

Bij het opstellen van de inhoud van de regels zijn de regels uit het bestemmingsplan 'Business Park Stein' aangehouden. De regels hebben met name betrekking op het bouwen en het gebruik van bouwwerken, niet zijnde gebouwen, en het gebruik van de gronden in relatie tot de gegeven bestemming 'Bedrijventerrein'. De lijst met toegestane bedrijfsactiviteiten is gelijk aan de lijst behorende bij het bestemmingsplan 'Business Park Stein'.

De structuur van het plan is zodanig dat de verbeelding de primaire informatie geeft over de gegeven bestemming en over waar en hoe het bouwen en het gebruik mag plaatsvinden. Bij het raadplegen van het bestemmingsplan dient dan ook eerst naar de verbeelding te worden gekeken. Vervolgens kan in de regels worden teruggelezen welk gebruik en welke bouwmogelijkheden zijn toegestaan.

5.2 De verbeelding

Op de verbeelding zijn aangegeven:

  • de grens van het plangebied;
  • de bestemming van de in het plangebied gelegen gronden: 'Bedrijventerrein' en de dubbelbestemming 'Waarde - Archeologie 1'.

5.3 De regels

De regels zijn conform de SBVP 2012 en de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht als volgt opgebouwd:

  • Inleidende regels;
  • Bestemmingsregels;
  • Algemene regels;
  • Overgangs- en slotregels.

Hoofdstuk 6 Haalbaarheid

6.1 Financiële en economische uitvoerbaarheid

De gemeente Stein is voornemens de gronden te verkopen aan een tweetal bedrijven. De strook grond komt in beheer en onderhoud bij de initiatiefnemer, te weten twee bedrijven gelegen op de locaties Business Park Stein 192 en 194.

De kosten voor aanbrengen van de verharding en het opnieuw regelen van de hemelwaterafvoer na het dempen van de sloot komen voor rekening van de initiatiefnemers. Met de initiatiefnemers wordt tevens een planschadeverhaalsovereenkomst gesloten.

Voor de gemeente Stein zijn aan het aan het planvoornemen uitsluitend de kosten van de bestemmingsplanherziening verbonden. De economische uitvoerbaarheid is niet in het geding.

6.2 Maatschappelijke uitvoerbaarheid

Door het betrekken van de strook grond bij de bedrijfsbestemming wordt de vestiging van extra bedrijven niet mogelijk. Het aantal bestaande bedrijven blijft ter plaatse ongewijzigd. De gronden zijn met name bedoeld voor vrachtwagenstalling, opslag en parkeren. Bebouwing op deze strook is niet wenselijk, met uitzondering van bouwwerken, geen gebouwen zijnde, met name in de vorm van erfafscheidingen en/of lichtmasten. Het betrekken van de strook grond bij de bedrijvenbestemming zal derhalve geen invloed hebben op de functies aan de Kinskystraat en Heisteeg.

Dit bestemmingsplan wordt conform de gebruikelijke procedure gedurende zes weken ter inzage gelegd. Gedurende deze termijn kan een ieder reageren op het planvoornemen en zijn of haar zienswijzen indienen.

6.3 Conclusie

Het planvoornemen zal, gelet op de relatief beperkte impact op de omgeving en de conclusies uit hoofdstuk 4, niet leiden tot overwegende planologische bezwaren. De bestemmingswijziging betekent, na een afweging van de verschillende belangen, een aanvaardbare invulling van het plangebied.

Hoofdstuk 7 De procedure

7.1 De te volgen procedure

Het bestemmingsplan doorloopt de volgende procedure:

  • a. Ontwerp:
    Publicatie en terinzagelegging ontwerp bestemmingsplan
    Een ieder kan gedurende deze terinzagelegging een zienswijze indienen bij de gemeenteraad
  • b. Vaststelling:
    Vaststelling door de gemeenteraad
    Mogelijkheid reactieve aanwijzing
    Publicatie en terinzagelegging vastgesteld bestemmingsplan gedurende de beroepstermijn
  • c. Inwerkingtreding:
    Na afloop van de beroepstermijn (tenzij binnen de beroepstermijn een verzoek om voorlopige voorziening wordt gedaan)
  • d. Beroep:
    Beroep bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State

In het kader van deze procedure is het voor een ieder mogelijk om een zienswijze bij de gemeenteraad kenbaar te maken. In publicaties met betrekking tot de diverse stappen die het plan moet doorlopen wordt daarvan steeds melding gemaakt. Wanneer beroep wordt ingesteld, beslist de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State over het bestemmingsplan.

7.2 Kennisgeving

Overeenkomstig artikel 1.3.1 Besluit ruimtelijke ordening is op <PM!> kennis gegeven van het voornemen tot het voorbereiden van het bestemmingsplan Grondstrook Business Park Stein 192 - 194.

7.3 Watertoets

Het ontwerp bestemmingsplan Business Park Stein is in het kader van vooroverleg aan het Waterschap Roer en Overmaas voorgelegd. Er is een positief wateradvies afgegeven. ....... PM.

7.4 Het voorloverleg met instanties

Ten aanzien van het planvoornemen heeft geen vooroverleg plaatsgevonden. Er zijn geen Rijks- of provinciale belangen in het geding. Het bestemmingsplan wordt direct als ontwerp ter inzage gelegd.

7.5 Vaststelling

Het ontwerpbestemmingsplan heeft gedurende zes weken van <datum> tot en met <datum> ter inzage gelegen. Gedurende deze periode zijn <wel/geen> zienswijzen tegen het plan ingediend.

Het bestemmingsplan is ten opzichte van het ontwerp dan ook <gewijzigd/ongewijzigd> vastgesteld in de Raadsvergadering van <datum>.